02-07-11

Graspop Metal Meeting, vrijdag 24 juni 2011

GMM RAND LOGO X.jpg

‘Wooden Ships’ van CSN&Y klinkt in de autoradio als ik zondagmorgen voor de derde dag Graspop vertrek. Dankzij Classic21 (93.2) hoor je ’s zondags – en andere dagen van de week – al eens deftige muziek op de radio. Kon het passender? Drie dagen van muziek, weliswaar zonder liefde of het moest voor die muziek zijn, net als op Woodstock maar dan anders.

Gelukkig is het vandaag de dag allemaal een pak beter georganiseerd en worden de festivalgangers op het rechte pad begeleid tot de laatste cent uit de zak is gehaald. Maar je krijgt er dan ook wel wat voor terug. In ruil voor de centen en de tijd én het lichamelijk leiden. Al bij al een mooie inzet voor een weekend vol hoogtepunten, bevestigingen en helaas ook een teleurstelling hier en daar.

Als Graspop een oord is waar andere regels gelden dan in de boze wereld daarbuiten – ja, ik vond iedereen opvallend vriendelijk, goedgemutst en bijzonder sociaal –dan plaats ik dit lange weekend ook anders dan andere weekends. Zo vervallen alle conventies wat betreft prijs/kwaliteit voor vaste voeding, iets waar we doorgaans minder problemen over maken dan van de prijs van het een pint. En terecht. Als eerder occasionele gebruiker van de vreettenten, vind ik de prijzen buiten proporties. Maar zoals gesteld: een stukje plastiek is sneller uitgegeven dan cash geld. Whatever: het is en was en blijft een feest en dan kan alles weer wel.

Maar laten we eerst teruggaan naar dag 1: vrijdag 24 juni.

Goed op tijd op de weide, welke quasi identiek is verdeeld zoals vorig jaar met een ruime ingang waar ik geen van de drie dagen een fille bespeurde, een 24-uurszone waar je dag in/dag uit terecht kan, een festivalmarkt, de Metaldome, twee Marquees en een zeer grote weide ofte slagveld met het hoofdpodium. Mooie opstelling, je voelt je op de duur gelijk thuis.

110626 GMM 3 679.JPG

Toch gelijk naar het podium waar de Britse AOR/melodieuze rockband FM de feesten mag openen. Vreemde band voor dit festival, inderdaad, de organisatie heeft voor vrijdag enkele classic rockbands weten te strikken, wat hartverwarmend is. FM dateert van medio jaren tachtig en heeft niet of nauwelijks aan kwaliteit ingeboet noch toegegeven aan de muzikale stromingen. De melodieuze radiovriendelijke rock (ofte ‘FM-rock’, ha) is een prima aperitief op deze ogenschijnlijk mooie dag. Zanger Steve Overland met zijn warme licht hese stem pakte het handvol liefhebbers gelijk in. Uiteraard bestond het publiek vooraan enkel uit fans, voor velen is deze band onbekend of niet metal genoeg, waarin ze weer een punt hebben. Ondergetekende kon er echter wél van genieten. In de setlist vonden we o.a. ‘Wildside’, ‘I belong to the Night’, ‘That Girl’ en ‘Burning my heart down’. Slotnummer was ‘I Heard it through the Grapevine’ in hun eigenste rockjasje gestoken. Sympathieke start! 

07 FM.JPG

04 FM.JPG

03 FM.JPG

DIO DISCIPLES bestaat uit enkele leden van de band van Ronnie James Dio (zaliger…); Craig Goldy op gitaar, Simon Wright op drums, Scott Warren op toetsen, een ontbrekende Rudy Sarzo op bass en op zang niemand minder dan Tim ‘Ripper’ Owens en Toby Jepson. Op de setlist enkel songs van Dio of nummers die van de hand van RJD zijn.

Na de intro zette een wat opgeblazen Goldy de riff van ‘Stand up and Shout’ in wat toch voor ferm wat kippenvel zorgde. Goed wetende dat De Man er zelf niet ging zijn en deze gitaar en die klassieke backdrop voor ons voelde toch wat vreemd aan. Gelukkig was daar Tim Owens (ex-Iced Earth, ex-Judas Priest, nu Malmsteen) die gelukkig zijn normaliter door merg en been gaande stemgeluid naar de songs kon ombuigen en zo een wel erg geloofwaardige ‘Ronnie’ neerzette – als dat al kan natuurlijk. Heel wat anders dan zijn passage met Yngwie even geleden. Moest ook wel, want iedereen kent die songs bijna uit het hoofd wat niet veel ruimte voor improvisatie overliet. Met ‘Holy Diver’ zijn we dan goed vertrokken; het publiek is ook prima bij stem. Toby Jepson is een veel ‘lichtere’ zanger maar tegelijk flexibeler. Hij nam dan ook de meer melodieuze stukken voor zijn rekening. ‘Egypt’, een kort ‘Catch the Rainbow’ welk overging in het epische ‘Stargazer’ werd een duet tussen Toby en Tim. Volgden: ‘Neon Knights’, ‘Long Live Rock & Roll’, ‘Heaven and Hell’ en ‘We Rock’.

Ondanks het feit dat dit best vermakelijk was en ik zeker niet pathetisch wil doen over het feit dat dit al dan niet gerechtvaardigd is, lijkt het hele opzet me eerder een bezigheid voor muzikanten die even niets om handen hebben. Het was zeker zeer sterk, maar dat gezeik over ‘a celebration of the music of RJD’ heb ik nu genoeg gehoord. Het was zeer goed, wat beter is dan dat het slecht was geweest, want was pas erg geweest. Voilà.

05 DIO S.JPG

02 DIO S.JPG

23 DIO S.JPG

27 DIO S.JPG

Volgende halte was terug Classic Rock. FOREIGNER is een instituut in de wereld van de melodieuze rock. Nooit te hard, voldoende ballads en steeds tot in de perfectie afgewerkt. Of deze band dan ook op het GMM-podium thuishoorde was dé vraag. En ik kan kort zijn: meer dan terecht! Alhoewel dit net als FM en later Journey weinig of niets met ‘metal’ heeft, weet de band meer dan voldoende publiek naar de mainstage te lokken. Iedereen kent hier immers een of meerdere songs van.

Met Kelly Hansen op zang hebben ze een meer dan waardige opvolger van de legendarische Lou Gramm. Hansen oogt als Steven Tyler maar klinkt stukken beter; laat ik gelijk stellen: deze man past als gegoten in het concept en weet de band naar nieuwe hoogtes te leiden. Met haast traditionele opener ‘Double Vision’ klinkt de band vanaf het begin heavy en krachtdadig. Met ‘Head Games’ hebben ze gelijk twee van hun meest stevige songs op rij gebracht. Als oprichter/gitarist Mick Jones (°1944!) aan de elektrische piano ‘Cold as Ice’ inzet, openen enkele honderden hun nog frisse kelen en weerklinkt de eerste strofe als van een koor. Kelly Hansen is een absolute topfrontman en geeft zich dan ook volledig. Hij kan net ontwijken om af en toe over the top te gaan en blijft eerder trouw aan het traditionele Foreigner geluid. Jones’ gitaar staat stevig opgefokt en alhoewel hij zeker geen schredder of gitaarvirtuoos is weet hij toch af en toe te imponeren door met zijn vertrouwde geluid de riffs stevig te brengen. Slechts tegen het einde van de set zal hij langere solo’s  brengen. Sidekick Tom Gimbel speelt niet alleen een aardig stukje gitaar; hij levert ook de obligate saxofoonpartij in ‘Urgent’ en samen met bassist Jeff Pilson op bas (ex-Dokken) de perfecte backing vocals.

07 FOREIGNER.JPG

15 FOREIGNER.JPG

 

De band lijkt me heerlijk op mekaar ingespeeld en alles klinkt dan ook als een klok. ‘Dirty White Boy’ klinkt verrassend aanstekelijk en ‘Feels like the First time’ (uit het debuut in 1977) alsof het gisteren geschreven is. Zelfs het toch wat smeuïge ‘I want to know what Love is’ pakt verf op GMM 2011! De set wordt afgesloten met ‘Hot Blooded’ en ‘Juke Box Hero’. Heerlijk om absolute rockklassiekers zo fris en stevig te horen. Ook veel respect voor Kelly Hansen welke tijdens de plensbui solidair mee in de regen kwam staan. Geweldige band! Zeker een van de hoogtepunten van het festival! 

17 FOREIGNER.JPG

19 FOREIGNER.JPG

25 FOREIGNER.JPG

 

Niet veel tijd om weg te lopen want een uurtje later staat JOURNEY op hetzelfde podium. Ooit leek het – zeker in dit land – een droom om deze twee bands samen te zien op één dag. Ze toeren momenteel met Styx door Europa; het had dus nog beter kunnen zijn…. Hoe dan ook, als de interesse van het doorsnee GMM publiek twee jaar geleden nog matig was; dit jaar waren er meer gegadigden en werd het bijna drummen in de voorste gelederen. Ook Journey heeft nu net een nieuwe cd uit maar het zouden toch weerom de oudjes zijn die het hem doen.

Journey trapt weerom af met ‘Separate Ways’, gevolgd door ‘Ask the Lonely’, twee songs uit de gloriedagen van het ‘Frontiers’ album (‘Ask the Lonely’ haalde toen zelfs het album niet!) Het nieuwe ‘City Of Hope’ werd opgedragen aan Dessel zelve. Nu ja, ik denk dat we dat vandaag zowat overal kunnen gebruiken.

10 JOURNEY.JPG

08 JOURNEY.JPG

 

Jonathan Cain hing ook de gitaar om, om in duo met Schon ‘Stone In Love’ in te zetten. Tweede nieuwe song was ‘Edge of the Moment’. Zanger Arnel Pineda is wel degelijk een godsgeschenk voor de band. Hij domineert met zijn kleine gestalte het grote podium en klinkt als een klok. Voorwaar een klein schrikmoment voor diegenen die het ruigere werk prefereren want Arnel zingt zeer melodieus met grote uithalen en geeft de oude songs de uitstraling van weleer. Volgen nog een handvol hoogtepunten met o.a. ‘Lights’, ‘Wheel in the Sky’, ‘Be Good to Yourself’, ‘Faithfully’ en ‘Don’t stop believin’’. Toegift was er in de vorm van ‘Any Way you want it’.

Nu vind ik het zelf wel tof dat Journey weeral op de affiche stond maar het geeft gelijk te denken over de toekomst van het festival. Gaat de organisatie vissen in de classic rock vijver? Prima, maar ik kan me voorstellen dat niet iedereen daar mee gediend is, al is het Engelse High Voltage Festival met zijn mix van classic rock, metal en prog wel ‘mijn’ ideale festival. FM, Foreigner en Journey misstonden zeker niet maar of er nu echt veel volk speciaal daar voor komt? Curieus wat de toekomst brengt. 

14 JOURNEY.JPG

21 JOURNEY.JPG

22 JOURNEY.JPG

 

Ik duik even de Marquee in om WATAINaan het werk te zien. Met de nadruk op ‘zien’ want dit is niet mijn muziek. Na de intro en de twee eerste songs heb ik het wel gezien en prefereer een ommetje. Neem het me kwalijk maar ik hou absoluut niet van Korn en loop er dan ook zover mogelijk van weg. Naar een van de vele stands van de sponsors bijvoorbeeld. Tussen de echte festivalweide en de 24-uurszone lijkt het wel op Metal-village met optrekjes van bier en frisdrankproducenten, de botsautootjes, de metalmarket,…

02 WATAIN.JPG

Ik ben op tijd terug in de leeggelopen tent om post te vatten voor EPICA. Nu had ik me voorgenomen om me de volgende jaren niet teveel meer uit te sloven om deze band te zien want een zeker saturatiepunt is ondertussen overschreden. Maar ja, nu we er toch zijn en er niets anders te zien is…

Epica beloofde een spectaculaire pyro-show….in de tent. Ok, dat viel nog erg mee; niets nieuws maar toch onderhoudend. Na de intro (ik begin er een hekel aan te krijgen aan die orkestrale intros…) kregen we op ons brood: ‘Resign to Surrender’, ‘Sensorium’, ‘The Obsessive Devotion’, ‘Unleashed’, het furieuze ‘Martyrs of the Free World’, het folky ‘Quietus’, ‘Cry for the Moon’ van het debuut en het lange ‘Consign to Oblivion’. Jammer dat er geen kippenvelmoment kwam met ‘Tides of Time’ maar er eerder werd gekozen voor de hardere songs. Epica was zeer goed, er was voldoende vuur en toestanden maar het nieuwe is er jammer genoeg voor mij wat af. 

32 EPICA.JPG

17 EPICA.JPG

20 EPICA.JPG

22 EPICA.JPG

29 EPICA.JPG

Toen ik buitenkwam was Volbeat net goed bezig. Ik ken ze van op de radio en het doet me niet veel. Leuk voor die veertigduizend anderen die wél uit hun dak gingen. Mijn prioriteit was vooral: een vette plaats veroveren voor de afsluiter van de avond! 

En wat een afsluiter was het! SCORPIONS, één van de grootste en langst bestaande hardrockbands hadden nog nooit op GMM gespeeld tot dan. In de wetenschap dat zij nu reeds ruim een jaar aan hun afscheidstoernee bezig zijn – die nog bijlange niet gedaan is – wezen alle neuzen in dezelfde richting. Scorpions moet je nu geen nieuwe truken of trend leren. De band heeft in zijn bijna veertigjarige carrière (als hardrockband wel te verstaan) slechts één dipje gekend (‘Eye II Eye’?) maar is daaruit trots herrezen, getuige hun laatste album ‘Sting in the Tail’.

Deze avond kregen we echter een regelrechte greatest hits & more voorgeschoteld. Allemaal gebracht tot in de perfectie door een geroutineerde maar soms toch teveel op automaat spelende band. Maar was dit jaren geleden ook niet zo? De poses van Rudolf Schenker en Matthias Jabs zijn legendarisch en zanger Klaus Meine’s stem klinkt nog net als pak weg, twintig jaar geleden. Dit wil zeggen: een perfecte reproductie van de opnames maar soms nogal koel en emotieloos. Scorpions is rock-royalty en hoeft zich dus voor niets te verantwoorden.

Beginnen met de titeltrack van je jongste cd is een goed begin. ‘Sting in the Tail’ vliegt strak voorbij en gaat bijna naadloos over in ‘Make it Real’ en de trein is vertrokken. Dan krijgen we waar we voor gekomen waren: de concertklappers van weleer met ‘Bad Boys running Wild’, ‘The Zoo’, een vet ‘Coast to Coast’, ‘Loving You Sunday Morning’. Het publiek wordt pas aangesproken voor ‘The Best is Yet to Come’, gevolgd door ‘Raised On Rock’. Vervolgens krijgen we het kinky ‘Tease Me Please Me’ en het harde ‘Dynamite’ alvorens James Kottack met zijn drums de hoogte ingaat. Op de gigantische schermen een mooie projectie waarin Kottack wandelt door enkele albumhoezen terwijl hij fragmenten uit de albums drumt. ‘Lovedrive’ en ‘Animal Magnetism’ passeren voor onze ogen en roepen toch enige nostalgie op.

24 SCORPIONS.JPG

18 SCORPIONS.JPG

42 SCORPIONS.JPG

 

Meer nostalgie als een introfilmpje annex artwork van ‘Blackout’ te voorschijn komt. Schenker komt als een gek het podium opgelopen, uitgedost als de onfortuinlijke man (hijzelf?) op de cover. Voorzien van een rokende gitaar brengen ze deze snelle beuker. ‘Big City Nights’ sluit even af alvorens we een finale krijgen met ‘Stll Loving You’, ‘’No One Like You’ en klapper ‘’Rock You like a Hurricane’.

Ja, misschien allemaal voorspelbaar en wat afgelikt, maar wat wil je? Op de nieuwe nummers na kon deze set evengoed plaatsvinden in 1988 of zo. Deze band is zo straf en strak op mekaar ingespeeld en het showelement is sooo ‘80’s dat het tegelijk onderhoudend maar ook wat koel en berekend overkomt. Ondanks het feit dat Schenker nog steeds als een dolle hond over het podium rent en de andere oudere leden (Meine & Jabs) nog even scherp staan als vroeger, wordt Scorpions toch een beetje een anachronisme. Zonder daarbij mijn eigen rock-roots te willen verloochenen want met ‘Taken By Force’ (1978) hebben ze me als jonge knaap voor goed geïnjecteerd met het virus wat tot op heden niet is uitgewerkt.

28 SCORPIONS.JPG

43 SCORPIONS.JPG

30 SCORPIONS.JPG

 

Ook fantastisch voor de velen die speciaal voor Scorpions zijn komen afzakken. Schenker en Meine zijn nu beiden 63 en kijken heimelijk uit naar hun pensioen. De afscheidstoernee is nog bijlange niet gedaan, dus wie deze hardrock en metal iconen nog wil zien kan bvb nog naar Vorst in het najaar.

Toen ik op de fiets (!) zat  richting auto, passeerden er onder politiebegeleiding vijf flinke Mercedessen met Duitse nummerplaat. Royalty?

Zeer binnenkort het vervolg...

12:33 Gepost in Muziek | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.