18-11-12

Magnum & Neonfly, Biebob, 16/11

 

magnum,neonfly

Het is altijd opwindend als een van je all-time favoriete bands een werkelijk fantastische nieuwe cd uitbrengt en even daarop je favoriete club aandoet voor een concert dat na datum ook weer gewoonweg heel erg goed bleek te zijn. Bovendien was het een vrijdag, wat altijd net dat ietsje meer geeft na een hectische werkweek.

De Britse ‘classic’ hardrock/pomp/symfonische band MAGNUM (ja, ze zijn het allemaal), draait al sinds 1974 mee en is na wat horten en brokken in het begin van deze eeuw, volledig terug op het oude niveau, zeker met de vier laatste cd’s.

Wat niet kan gezegd worden van de openingsact. Gewoonweg omdat deze jongens – prille twintigers, neem ik aan – zichzelf nog volledig moeten bewijzen. Zelf had ik nog nooit van NEONFLY gehoord maar via YouTube wist ik van waar de wind ging komen en keek er dan ook met de nodige omzichtigheid naar uit. En viel dat bijzonder mee!

Neonfly speelt traditionele hardrock/metal met een beetje glaminvloeden. Zelf hoorde ik een mix van oude UFO, MSG, Thunder met een injectie van Motley Cruë. Samen maakte dit er een heerlijk verteerbare brok heavy rock van.

121116 Magnum 028.JPG

121116 Magnum 084.JPG

Met een EP en een cd op hun actief is het allemaal nog erg pril en misschien zoekt de band nog een echte richting? Na het concert vertelden ze me dat ze het jammer vonden dat ze niet in de jaren ’60 zijn geboren en bijgevolg de ‘80’s scene konden meemaken. Ik voegde er gemoedzaam aan toe dat het hun taak is om deze vlam brandende te houden. Hun grote voorbeelden draaien nog wel goed mee maar dat blijft ook niet duren natuurlijk. Op de vraag of ze eventueel met mij wilden wisselen, gingen ze niet in.

Kortom, Neonfly wist de Biebob goed mee te sleuren in hun set, bestaande uit songs uit ‘Outshining the Sun’, een cd die ik sinds deze morgen al drie keer gedraaid heb en nu even ga opbergen…

121116 Magnum 100.JPG

121116 Magnum 141.JPG

Frontman Willy Norton had precies graag bij Winger of zo gezongen en weet met zijn cleane hoge zang herinneringen op te halen aan een jonge Joey Tempest (Europe) terwijl gitarist Frederick Thunder (!) duidelijk veel video’s van Michael Schenker heeft gezien en diens stijl flink laat doordringen in het bandgeluid. Extra punten voor het halve maar uitermate geslaagde  ‘Separate Ways’ van Journey en zeker voor het Kansas-T-shirt van Willy. Genoeg gestoefd.

MAGNUM hoeft in principe geen introductie op deze blog want om de twee jaar vind je hier een concertverslag van deze band.

Volledig met de voeten in de traditionele Britse hardrockbodem met een drang naar progressieve rock. Magnum laat zich eigenlijk niet gemakkelijk omschrijven en heeft tijdens zijn lange carrière al regelmatig het geweer van schouder veranderd zonder zijn eigenheid te verloochenen. Zo was ‘Goodnight L.A.’ een knik naar de Amerikaanse markt zonder daarom een echte stijlbreuk door te voeren, iets wat bvb Def Leppard of Whitesnake wel aan respect gekost heeft (maar geen windeieren heeft gelegd).

Oerleden Bob Catley (65!), gitarist Tony Clarkin (66!) en toetsenist Mark Stanway (58) houden de band productief qua nieuwe producties én redelijk intensief touren. Bassist Al Barrow en drummer Harry James zorgen al ruim een decennia voor de ritmesectie. Maar wat het belangrijkste is, is dat je nooit hoort dat je met veteranen te maken hebt. Ik bedoel maar: dit is een band op volle kracht die nog steeds meeslepende songs weet af te leveren en deze energiek op een podium kan neerzetten.

121116 Magnum 193.JPG

121116 Magnum 187.JPG

Magnum heeft ondertussen dan ook zoveel ‘classic’ spul uitgebracht dat zij gerust 5 verschillende shows kunnen geven gevuld met favoriete songs. Gelukkig was de setlist vrijdag een perfecte mix. Het nieuwe ‘On the 13th Day’ moet natuurlijk ook gepromoot worden én de fans moeten hun oude materiaal te horen krijgen.

Er werd gestart met het verse ‘All the Dreamers’ waarmee al gelijk een eerste brok melancholie werd afgevuurd. Wat een fantastische heavy riff en een nog imposanter refrein! Het nu al klassieke ‘When we were younger’ deed daar nog een schepje bovenop. Een song die al dit moois (en meer) uiteindelijk samenvat… het pianointrootje geeft nog steeds kippenvel. Bob Catley geeft vanaf de eerste song het beste van zichzelf, maakt veelvoudig contact met het publiek, kushandjes, handdrukken en bovenal een warme blik aan zijn getrouwen. Zijn lichaamstaal – lees: wilde handgebaren – moet je er bij nemen maar maken gewoon deel uit van Bob. 

121116 Magnum 188.JPG

121116 Magnum 378.JPG

Met ‘Blood Red Laughter’ wordt er in versnelling geschoten. Een geweldig nieuw nummer vol pomprock, een vette drive en instant mee te neuriën. Dit werd gevolgd door het toch wat mindere ‘Wild Angels’. Gelukkig werd dit vergeten middels het heavy ‘Brand New Morning’ uit het onderschatte album met dezelfde titel. Deze cd luidde de heropstanding van de band in na het zwakke ‘Breath of Life’, allez, dat vind ik dan toch, hé.

121116 Magnum 233.JPG

121116 Magnum 242.JPG

Tijd voor de grote kanonnen dan. De intro van ‘How Far Jerusalem’ zorgde voor nog meer kippenvel. Deze majestueuze song is waarschijnlijk hun meest gespeelde live song. Dit moet gewoon in de set. En wat een uitvoering! Tony Clarkin krijgt in het midden even gelegenheid om een solo uitstapje te doen en doet dit zoals we van hem verwachten: subtiel, geen virtuoos gepingel, maar een moment om even tot bezinning te komen. Clarkin, naast gitarist ook de belangrijkste songschrijver in de band kijkt immer stoïcijns en blijft op de achtergrond. Soms kan er een monkellachje af naar de collega’s maar verder lijkt de man wel emotieloos.

121116 Magnum 269.JPG

121116 Magnum 322.JPG

Tien jaar geleden hing ’s mans leven aan een zijden draadje maar nu ziet hij er jonger uit dan vroeger en speelt nog steeds even basis en subtiel. Magnum haalt zijn kracht uit de samenbundeling van de muzikanten en is zeker geen platform voor virtuozen of egotrippers. Catley geeft zijn tamboerijn af en toe uit handen aan de eerste rijen wat zijn band met het publiek nogmaals benadrukt. Leuk ook hoe hij uit zijn kleine wateroogjes het publiek constant aankijkt en knipoogt.

121116 Magnum 401.JPG

121116 Magnum 373.JPG

Een verrassing met ‘The Flood’, een song uit het tussen de plooien verzeilde ‘Sleepwalking’ – het enige Magnum album dat me nog ontbreekt… en dat ik dus maar matig ken. Nu ik deze song live heb gehoord kan de zoektocht pas goed aanvangen.

Meer klassiek spul krijgen we met ‘Les Morts Dansant’ en ‘The Spirit’, het laatste subtiel ingezet door Catley en Clarkin maar uiteraard barst dit op een gegeven moment open om te veranderen in een singalong en een heavy apotheose. ‘Dance of the Black Tattoo’ is weer een nieuwe maar past perfect tussen de Magnumstandards.

In de laatste rechte lijn is het een feest van herkenning en vooral genieten van ‘vintage’ Magnumsongs. ‘All My Bridges’ als jongste telg maar dan volgt ‘All England’s Eyes’, het opzwepende ‘Vigilante’ – misschien wel hun ongekroonde beste song ever? Slotakkoord volgt met ‘Kingdom of Madness’, in onze regio meer dan ooit van toepassing maar bovenal een traditionele showstopper van de band.

121116 Magnum 316.JPG

121116 Magnum 293.JPG

Dit kan dus nooit genoeg zijn….en uiteraard… met ‘’See how they fall’ laat de band nogmaals horen waar zij vandaag voor staan en leveren deze waanzinnige song af met gouden lepeltjes, gedreven door de droge maar stevige gitaarriff van Clarkin. Het niet meer zo piepjonge publiek (alhoewel, hier en daar…) gaat nogmaals volledig mee en zelfs de vuisten gaan in de lucht.

Vervolgens nog even herinneren aan ‘andere tijden’ middels ‘Rockin’ Chair’ om dan definitief af te sluiten met misschien wel hun enige en rechtmatige ‘hit’, ‘Days of no trust’ (ja, geen ‘Start talkin’ Love’ dus).

121116 Magnum 428.JPG

Magnum leverde een prachtige show af met voor ieder wat wils, met voldoende aandacht voor het rijke verleden zonder hun mindere periode te schuwen. Het nieuwe album ‘On the 13th Day’ werd fijn gepromoot maar zou al in elke kast moeten staan van elke rechtgeaarde classic hardrockliefhebber.

Bovenal was dit een geweldig concert van een oprechte band die zichzelf niet meer hoeft te bewijzen. Geen posterboys, niks, geen tralala, cover-up of fake emoties. Geen toeters en bellen, quoi. 

Na het concert stootten we alsnog op Bob aan de (overigens magere) merchandisestand. Hij nam de tijd om enkele dingen te signeren en het obligate fotootje. Mijn kinderhand was weeral goed gevuld.

Tot in 2014!

15:00 Gepost in Muziek | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.