06-10-16

Hongarije, september 2016

Flag_of_Hungary2.jpg

Deel 1

 

Net terug van het verre Polen en de koffer wordt alweer gepakt om toch wel een beetje dezelfde richting uit te gaan. De kuddes naar het zonnige zuiden laat ik dit jaar links liggen en kies resoluut voor de files in Duitsland.

Aangestoken door een reisvriend werd Hongarije aan de groeiende lijst toegevoegd. Beetje mysterieus, dat wel, want wat weten we tenslotte over dat stille land in onze Unie?

Als onze gidse – 100% Hongaarse – ons gedurende tien dagen diets maakt in het Hongaarse leven, geschiedenis, politiek en ook: het culinaire leven, dan luister ik gedwee want ook ik weet nauwelijks iets over dat land. Tijd dus om erop uit te trekken!

Met 32 ingezetenen, is het wederom een lust om te reizen. Comfort alom, meer dan voldoende been-en andere ruimte om het me gemakkelijk te maken. Met enkelen duiken we dan ook in het achterste gedeelte van de karros.

Met een kleine 800 km op de eerste dag belanden we bijna aan de grens van Oostenrijk. Vroeger hadden we er al bijna geweest. Toen Oostenrijk en Hongarije nog één groot rijk vormden. We overnachten een keer bij de buren en kijken alzo voor een tweede dag uit op een grijze lucht.

Maar er resten ons toch nog 390 km alvorens we onze euro’s kunnen wegstoppen en de Forinten bovenhalen. En dan zijn we nog maar heel even over de grens.

In Sopron, Hongarije, komen we omstreeks de middag aan. Hongerig en toch wat nieuwsgierig wandelen we het centrum in. Beetje troosteloos. Geen hond te bekennen en de hemelsluizen lijken wel op barsten te staan.

Na een toch wel dubieuze maaltijd (wat hebben we nu gegeten?) en een grote Soproni pils, wandelen we verder de stad in. Heel de stad is wat kleurloos door het grauwe weer en echt fraai oogt het allemaal niet. Neen, slechte start. Daarenboven geraken een deel van de medereizigers wat in de war als er valuta moet gewisseld worden, wat op zich nergens een probleem is.

Eens in het hart van de stad openbaart zich een fraai plein met het stadhuis en meerdere kerken. Het paar dat vandaag het plein in bezit neemt om hun huwelijk publiek te maken, had zich waarschijnlijk ook wel fraaiere omstandigheden gewenst.

Mag blog (1).jpg

Als even later alle registers worden opengetrokken is de pret er snel af. Ik zal in deze miserie bovendien ook nog mijn smartphone laten verzuipen opdat de sfeer helemaal top zou zijn…

Het hotel ligt ergens boven op een berg, tussen de bossen. Ja, stil is het er wel en het natte woud ruikt lekker. Ook blij dat ik droge kledij kan aantrekken. Na een flinke maaltijd heb ik het toch ook al weer snel gehad.

De volgende dag oogt het al niet veel beter. We starten droog maar de dreiging blijft. We hebben toch weer een flinke rit voor de boeg. We rijden naar het zuiden van het land maar met een omweg. Ook in Hongarije bestaan die.

Via de stad Györ rijden we naar Zirc. Aldaar wordt een Cisterciënzer Abdij bezocht. Ik hoor u al denken: Wauw, die gaan er nogal tegenaan! Maar het hoort erbij. Opwindend? Neen.

Later op de reis maken we de balans op en komen op net geen volledige kerk of basiliek per dag. Dat valt nog mee. En daarbij: een beetje cultuur op zijn tijd kan geen kwaad. Helaas moeten we hier af en toe weleens te lang wachten om het volgende hoofdstuk te kunnen aanvatten.

Mag blog (2).jpg

We worden opgevangen door een 200-jarige pater die ons uitleg verschaft over de bouw van de toch wel indrukwekkende kerk. Gelukkig maar dat onze gidse vanuit haar moedertaal naar behoorlijk Nederlands weet om te zetten. Uiteraard veel blablabla waarvan ik maar de helft gehoord of verstaan heb. Ik kijk liever. Ik ben een ziener, geen luisteraar.

Vervolgens naar de bibliotheek van de abdij. De geur van de gangen grijpt op mijn adem. Het sacrale residu zal na datum hartig worden verwijderd. De boekenverzameling is een verzameling boeken die zich hier en daar laten verleiden tot een portret of stilleven.

Mag blog (4).jpg

Even verder, in de stad Veszprem eten we gezamenlijk en het lijkt er toch wat meer op. Ja, dit is een volpensionreis en dat zal ik geweten hebben. Het is leven van maaltijd naar maaltijd, zo lijkt het toch.

Een stadswandeling brengt orde op zaken en we eindigen bij een fraai uitzicht. Als we naast de alomtegenwoordige Koning Istvan (ca. 1000 n.C.) en zijn gezellin Gizella kijken, hebben we een overzicht over de buitenstad. We staan aan de rand van de oude burcht maar van dat gebouw zelf is er niet veel meer overeind gebleven.

Mag blog (7).jpg

Mag blog (7)b.JPG

We dienen nog wat kilometers af te werken en moeten daarvoor het Balatonmeer oversteken. Gelukkig is daar een veerpont voor voorzien. Mooi initiatief want eigenlijk hadden we er net zo goed langs kunnen rijden. Maar langs de andere kant: een stukje varen is altijd leuk en het is dan ook een opsteker qua activiteiten betreft. Trouwens, op dit punt heet de reis een behoorlijke 'kick in the butt' nodig. Of die er gaat komen, is een andere vraag.

Waar wij oversteken is het nog geen kilometer breed maar dit meer is dus werkelijk bijzonder groot. Met net geen 600 km² hoort het bij de grootste zoetwaters van Europa. Voor de Hongaren, die dus geen echte kustlijn hebben, is dit meer een geschenk.

Sommige van de steden aan de oever zijn bovendien ware partysteden en het lijkt me niet fout om hier als West-Europeaan op vakantie te komen. Maar toch gun ik het de Hongaren. Echt opwindend is het allemaal niet maar als je je vakantie al etend of drinkend wil doorbrengen, lijkt het me wel wat.

Mag blog (8).jpg

Mag blog (9).jpg

Dus op de pont en even genieten van het water dat zich voor een keer onder ons bevindt en niet druilend van onze regenjas loopt.

Het is al donker als we aankomen in Pecs, op vier na de grootste stad van Hongarije. Ons voorziene hotel is in restauratie dus we schuiven even op naar het centrum. Letterlijk want we logeren in het statige Palatinus Hotel, gelegen in het uitgangsleven van de stad.

Het hotel getuigd van een vergane Jugendstil glorie maar staat nog steeds goed in zijn schoenen mede dankzij de ideale ligging. Het restaurant is al zeker 50 jaar niet up-to-date gebracht. Maar het is proper en het eten is ‘te doen’ en dat bedoel ik niet positief.

Mag blog (10).jpg

Meer dan content dat ik op mijn kamer ben. Geënerveerd omdat mijn ‘foon het nog steeds niet doet maar klaar om aan tafel te gaan. Nu moet je weten dat Hongarije ooit een land was met aanzien. Beetje Parijs, beetje Berlijn maar dan eerder van willen en niet echt kunnen.

Als je in Hongarije eet, is er een zeker stramien. Eerst soep. Sterk van smaak, soms eerder gelijkend op een cementspecie, maar wel heel lekker.Ik begrijp het niet dat sommige gerechten zo op tafel belanden. Ik heb mijn deel van jeugdkampen gehad en kijk al eens naar ‘Komen Eten’. Er werd wel wat gelachen aan tafel. Ok, het was erg basic.

Vervolgens komt er een bordje opgelegde witte kool en aanverwanten aanschuiven. En dan volgt de berg rijst of aardappelen met een halve koe er bovenop. Als je geluk hebt, wordt de hele bergketen nog gedrapeerd met gesmolten kaas. Maar we hebben niet altijd geluk. Soms wachten we op de saus, als die er al is, ofwel komt deze een halfuur na datum opdagen. De wil is er maar de daadkracht ontbreekt, ik zeg het u.

Maar het bier is meer dan ok en de occasionele wijn is ook zeer te genieten. En bovenal: alles is zeer tot heel erg goedkoop. Als je in de stad wat drinkt of snoept, het is voor ons spotgoedkoop. Hierbij is het dan gezegd.

In beperkt gezelschap maken we nog een avondwandeling en als bij wonder blijft het droog. De meeste gebouwen zijn mooi verlicht en dat is altijd een opsteker voor wie laat de stad in wil. En bovendien lijkt het nu veel aantrekkelijker dan overdag. Na wat heen en weer geloop crashen we toch op een terrasje. Met spoed want die wil dan ook net gaan sluiten.

Mag blog (20).jpg

De commentaren zijn gesloten.