31-10-16

Tirol deel 2, oktober 2016

tirol.jpg

Deel 2 (slot)

 

Vandaag rijden we naar Oberammergau. Daarvoor passeren we Garmisch-Partenkirchen en Oberau.

We maken een tussenstop in Ettal, waar we even de indrukwekkende Benedictijnenabdij binnenwippen. Ze maken natuurlijk ook hun eigen bier maar het is nog geen 10u.

P1060400.JPG

Nu had ik wel bepaalde voorstellingen bij het eerstgenoemde stadje maar die visie moet nu wel worden bijgesteld.

Wie kickt op mooie sprookjesachtig beschilderde huisjes komt wel even aan zijn trekken maar eens je het centrum binnenwandelt val je weer ten prooi aan een overdaad aan souvenirwinkeltjes. Ok, er zijn er hele mooie bij die lokaal houtsnijwerk aanbieden maar als de toon even later op heiligenbeelden valt, is het plezier er snel af.

P1060458.JPG

We schuiven aan in een restaurant voor een lichte maar bevredigende (…) hap alvorens nogmaals het stadje door te wandelen. Vervelend, ja.

De avond werd opgevuld met een heuse ‘Tiroleravond’. Een muzikant die zichzelf aardig overschatte speelde ten dans en laten we stellen: hij geraakte er nog net mee weg mede dankzij het meer dan tolerante en bezadigde publiek. Duitse en Engelstalige klassiekers, afgewisseld met Tirolermeezingers kregen de ruimte alsnog in beweging.

Afwisselend kwam er een regionaal dansgezelschap enig inzicht geven in enkele Tirolerdansen. Doe uw ogen dicht en laat uw fantasie de vrije loop. Zo was het dus. Ach, een beetje oer-Europese cultuur heeft nog nooit iemand pijn gedaan en is ook een mooi tegenwicht tegen wat we soms moeten verwerken in de media.

P1060523.JPG

Als de prille dames van het groepje plichtsbewust om een dansje uitnodigen, laat ik het beest volledig los en ga volledig in Tiroler-modus. De harmonica blaast en giert, “hiehaaaa!”, en zo gaat het nog even door.

Als de muziek er (even) mee ophoudt kijk ik even in haar reeënogen en bedank vriendelijk voor de uitdaging. Euh..uitnodiging. Ondertussen loopt de temperatuur in de volledig houten feestruimte behoorlijk op. Een verse halve liter verdwijnt vlot en ik kan mijn hemd wel uitwringen. “Jiehaaa!” 

 

 

De volgende dag. 

In de voormiddag rijden we naar de Achensee. Naar verluid is dit het grootste meer van de regio. Het is stil rond en op het meer. De voorziene boottocht zou enig soelaas moeten bieden en de dag enigszins in gang zetten.

P1060677.JPG

Pas bij de inscheepplaats komt het bericht dat de boot niet vaart wegens teveel wind op het water. Dit leidt tot enige wreven en ongeloof maar het hangt in grote letters op de pancarte. Later zullen we de wind zien en voelen als we door het troosteloze Pertisau wandelen, op zoek naar een plek om ons te warmen. Dag voormiddag.

P1060652 B.jpg

Alle hoop wordt nu gezet op het bezoek aan Schloss Tratzberg in Jenbach.

Dit kasteel is mooi gelegen bijna op de bergtop, volledig omgeven door groen. Om er te geraken dienen we op een zeker moment een ‘treintje’ te nemen dat ons mee op de steile helling zal nemen.

P1060752.JPG

P1060676.JPG

Eens binnen krijgen we een headset waardoor we in onze moedertaal de uitleg over de verschillende ruimtes krijgen. Dit was mooi, leuk en bijna aanbevelenswaardig.

P1060740.JPG

En dan. S ’Avonds werd er een bingo avond georganiseerd. Ik ga er niet veel over uitweiden maar ik kan nu met zekerheid zeggen dat je dat zeker eens moet gedaan hebben. Neen, ik heb niets gewonnen maar een verrassend leuke ervaring rijker geworden.

 

Het nabijgelegen (al is dat relatief in die regio) stadje Imst heeft als hoofdattractie de Rosengartenschlucht. Ook een mooi stukje natuur naar het schijnt. Er werd ons beloofd dat we met het openbare vervoer alsnog makkelijk tot daar zouden geraken.

Helaas was het zaterdag en dit had als gevolg dat de lijnbus(sen) niet of anders reden. Fikse tegenslag want ik was er echt op uit om op de laatste dag nog eens voluit te gaan.

P1060762.JPG

P1060801.JPG

Uit colère nam ik mijn rugzakje en heb ik een geweldige wandeling gemaakt door het Gurgtal. Het was fijn om de verlamming uit mijn benen te wandelen want wandelen is mijn dada. Ik doe het nog steeds te weinig, trouwens.

Ergens in de namiddag was er koffie en taart voorzien – een traktatie van het hotel – en dat bracht de mensen wederom bij mekaar. Nadien nog een wandelingetje in de andere richting en zo evolueerden we (wederom) naar het – laatste – avondmaal. Misschien ook weer een dag met weinig invulling maar toch met de nodige momenten – vooral als ik alleen op stap was.

P1060810.JPG

P1060873.JPG

Met het oog op een vroege start op de dag van de terugreis (er diende nog gepakt te worden) werd er karig omgesprongen met de drank.

De nodige afscheidswoorden, prijsuitreikingen (…) en praktische afspraken maakten een einde aan het verblijf in het sympathieke hotel.

Een vlotte terugreis was uiteindelijk de afsluiter van niet enkel deze laatste trip maar ook van het reisseizoen dit jaar.

Nu gaat u denken: dat was precies ‘gene vette’. En je hebt gelijk.

Maar toch was het op zijn manier leuk. Ook al verkies ik een dynamische goedgevulde reis met op zijn tijd een ‘Wauw’momentje, dit was ongecompliceerd plezier, met hier en daar een serieus haar in de organisatorische boter maar dat is voor een keer vergeven.

Tirol is nog steeds geen ‘A’ bestemming voor mij maar het was aardig proeven en ik sluit niet uit dat ik met een eigen programma nog wel eens de Alpen oversteek.

P1060933kopie.jpg

27-10-16

Tirol deel 1, oktober 2016

 

tirol.jpg

Deel 1

 

Om het reisseizoen met een leuke noot af te sluiten koos ik voor een weekje Tirol. Ja, slik maar even weg.

Stond niet echt hoog genoteerd op mijn to-do lijst maar ach, wat kan er mislopen?

Enfin, wat je hier gaat lezen is geen succesverhaal. Dit neemt niet weg dat Tirol een prachtige vakantieplek is waar het heerlijk wandelen en vertoeven is. Waar er lekker kan getafeld worden en waar op tijd een frisse pint wordt getapt.

Het weer was beter dan aangekondigd en het logement viel zeer in de smaak. Waar liep het dan mis?

Een reis ‘in groep’ houdt natuurlijk zekere risico’s in. Naast het genot dat veel praktische zaken al voor jou zijn geregeld en waardoor er ruimte voor andere zaken vrij komt, dient er op geregelde tijdstippen wel rekening gehouden te worden met de groepsdynamiek en planning.

Voor veel mensen is Tirol gesneden koek. Je bent er in een niet al te vermoeiende dagreis en eens je de laatste tunnel door bent, kom je gelijk in een sprookjeslandschap. Zo verliep het ook bij ons. Of toch niet?

P1060178.JPG

Ons gezelschap bestond voor ruim 2/3 uit diehard Tirolgangers, wat maakte dat de sfeer op de bus van in het begin goed zat – als je daar van houdt natuurlijk. Beeld je in dat er nét geen polonaise werd ingezet op de bus.

Een tsunami van Tirolermuziek, dvd’s en collectief gezang kwamen als een harde vuist in de onderbuik bij deze schrijver. Als dit het begin was, wat stond me dan nog allemaal te wachten?

Ik was wel voorbereid op het ergste, moet u weten. Daarenboven beschik ik over de gave om ‘de knop’ te kunnen omdraaien in haast alle min of meer onverwachte situaties. Na de eerste nacht werd ik een nieuwe Luc Alloo en besloot om alles fijn te observeren en me low-profile in het gezelschap op te stellen dieneinde het hoe en waarom te kunnen ontrafelen.

On hotel was standaard Tirol. Met de begonia’s op de terrassen, warme ontvangst, gelijk aan tafel voor een lekkere hap en een schnaps om af te sluiten. Kamer met uitzicht op de bergen, - hoe kan het anders. Ik mag zeggen dat ik er helemaal klaar voor was.

Om ons verblijf in te zetten reden we de eerste volledige dag naar buurland Zwitserland, Samnaun om precies te zijn. Deze taksvrije stad, die nagenoeg enkel bestaat uit winkels en horecagelegenheden, is natuurlijk erg geliefd bij liefhebbers van producten zoals parfumerie, giftige rookwaren en alcoholische dranken. Het stadscentrum is dus een grote aaneenschakeling van winkels maar…

IMG_20161010_104639370.jpg

Maar bovenal: er lag sneeuw, en dat is iets wat ik al geruime tijd heb moeten (?) missen. Samnaun ligt op een goede 1800m en dan zit je al gauw in de sneeuw. Ook de rit er naartoe leverde mooie beelden op. Doch, je bent al snel uitgeshopt als je geen of weinig van de genoemde artikelen benut, dus een bescheiden lunch sloot ons verblijf af.

P1050947.JPG

Na de middag reden we naar Zams alwaar we een bezoek zouden brengen aan de Lötzklamm Zammer Lochputz. Volgens de brochure een mooi en vermakelijk oord, gecreëerd door de bergstroom en voorzien van schilderachtige watervallen. Groot echter was de teleurstelling.

P1060030.JPG

Een amechtige aaneenschakeling van enkele watervalletjes en een voorzien trappengestel was het enige wat er te zien was. Ok, voor sommigen was deze klim er teveel aan, maar voor diezelfden is het ook een marteling om nog maar voort te bewegen zonder sigaret in de mond.

Dit stelde geen reet voor en ik was dan ook blij dat we er weg waren. Ooops! Is de dag alweer voorbij?

Jawel, de invulling was wel heel karig. Je kunt natuurlijk stellen dat het snel donker wordt maar er speelde nog een element mee. Verschillende avondactiviteiten vingen aan rond 20u en dan moest de maaltijd al zijn doorgespoeld. Daarenboven: veel alternatief was er niet in het dorp waar we verbleven.

Als dit het tempo en intensiteit van de rest van de week wordt…

P1060242.JPG

Onze natuurlijke, aangeboren en gelukkig gecontroleerde voorliefde voor bier maakte dat het geplande bezoek aan de Brauerei Schloss Starkenberg de volgende dag met stip genoteerd stond.

Ware het niet dat dit beter in de namiddag was gepland, dan kon dit wel eens leuk worden. Even na 0930u stonden we al aan de ingang.

Het zicht uit het kasteel/brouwerij is wel indrukwekkend maar daar houdt het ook bij op. De rondleiding, door een Vlaming nota bene, was nogal nonchalant, oppervlakkig en eerder vervelend.

Veel inzicht in het productieproces kregen we niet. Veel over de geschiedenis van het geslacht Starkenberg en wat historische voorwerpen, leidden ons uiteindelijk naar de verbruiksruimte. Ik was meer onder de indruk van deze middeleeuwse feestzaal dan van het bier.

Doch, met een halve portie eerder zoet donker bier, kon ik wel leven. Het was tenslotte nog geen 11u en dan mogen we slapende honden niet wakker maken. Nadien maakten we nog een kleine wandeling maar dan zat de voormiddag er op. Een lichte lunch in ons hotel zette de namiddag in. Zucht.

Doch. Dan komt het hoogtepunt van de dag. De hoteleigenaar heeft toegang tot de lokale ‘Ijsstockschietbaan’. Met het treintje van het hotel (een oude tractor die nauwelijks vooruit kwam + enkele wagons), reden we via een ommetje door het dorp. Onderweg werd er gestopt voor – hoe kan het anders – een polonaise rond de fontein, ondersteund door een schnaps.

Nee, ik wil niet verder schrijven…

 

Allez, omdat je niet afhoudt.

Het ijsstokschieten is een wat bizarre sport als die op een ijsvrije piste gebeurd. Er wordt niet geschoten en er is geen ijs. Er is zelfs nauwelijks sprake van een stok.

Wel wordt er een redelijk vlot glijdende bol met een handvat naar een scorebord gegooid. Deze glijdt over de grond en tikt een score aan. Dat is het zowat. Wie de maximumscore raakt (12) moet een schnaps drinken. Zo gaat dat in sportieve kringen in Tirol.

Nog voor het definitieve einde wandel ik in klein gezelschap terug naar het hotel. Het beste moment van de dag.

De vierde dag wordt Innsbruck de hoofdschotel van de dag. Op een klein uurtje rijden van ons hotel. Ik kijk er ontzettend naar uit want door de aanslepende lethargie is mijn neiging naar een dynamische stad wel groot. Onze Reiseführer stelde ondertussen voor om eerst even lang het stadje Hall te passeren. Maakt mij niet uit, als we maar onderweg zijn.

 

Hall op zich stelt niet veel voor. Het is te zeggen: ze slaapt uit tot de middag waardoor er nauwelijks activiteit te bespeuren is. Hier en daar een winkel die net opent en als je goed zoekt vind je wel een Stube of Conditorei waar je je even kan schurken aan een kop koffie.

Bij aankomst in Innsbruck stootten we al snel door naar de het toeristische centrum en dit via de Hofburg. Dat oogt wel mooi en het is dan ook een drukte van jewelste in de Hofgasse.

Leuke (souvenir) winkeltjes en de typische gevels geven de stad, en zeker de ‘entree, een fijn vakantiegevoel. Eens door die drukte heen fladder ik uit naar het mooie shoppingcenter, de esplanade en de grote winkelstraten. Een ‘Saturn’ laat ik ook nooit liggen, dus daar even binnenspringen alvorens ik verder de culturele weg insla.

P1060301.JPG

Ik stap eerst de St. Jacobsdom binnen waar je werkelijk overvallen wordt door de barokornamenten. Mooie kerk, proper op zijn eigen en toch een van de postkaartelementen van de stad.

Dan langs de Herzog Otto Strasse naar de bruggen en volgens mij moet je echt wel eens op een van de bruggen gaan staan, alleen al voor het zicht. Via het toch drukkere stadscentrum even tot aan de Triumpfpforte (vreemd, geen ‘Tor’) om dan af te zakken naar de parkeerplaats achter de Innsbrucker Hofgarten.

P1060298.JPG

Na wederom wachten op (al of niet – tellen is onze sterkste kant niet, evenals de klok lezen) achterstallige medereizigers vertrekken we terug naar het hotel in Nassereith.

P1060381.JPG

20-10-16

Evergrey: The Storm Within

evergrey

Mijn steeds kleiner wordende muzikale kring weet het nu onderhand wel: Evergrey scoort hoog bij mij. Evergrey is de band waar ik het maar steeds over blijf hebben. En dat heeft zijn reden.

Deze band heeft me het laatste decennium meer dan eens gesterkt als het ‘eens wat minder’ ging. Hun donker melancholische metal lijkt wel de voorbode van ellende en ondergang. Maar tegelijk is er steeds dat hoopgevende, dat energieke bundeltje dat ze steeds weer weten in te planten in hun songs.

Naar Evergrey luisteren is voor mij het equivalent van een dozijn peppillen. Mentaal, natuurlijk…  Hoe dan ook, de geschiedenis van de band ga ik niet vertellen maar de liefhebber moet wel weten dat de band door een groot dal is gegaan na het moeilijke album ‘Monday Morning Apocalypse’.  ‘Torn’ was nog best ok maar met ‘Glorious Collision’ had ik het wel echt moeilijk. Niet alleen door het vertrek van drummer Jonas Ekdahl en gitarist Henrik Danhage – ook al werd laatstgenoemde hard gemist maar gepast vervanging door Marcus Jidell (o.a. Royal Hunt). Doch de productie was nogal aan de morsige kant. Bandleider Tom S. Englund & co lusten daarenboven graag een glas waardoor sommige shows nogal slordig werden afgewerkt. ‘Collision’ wordt vandaag de dag hier en daar toch wat in eer hersteld, wat niet meer dan terecht is.

evergrey

Maar toen was daar ‘Hymns for the Broken’. Wat een terugkeer! En tevens van Ekdahl en Danhage. Met een verse dynamiek, een harde doch cleane productie en toch een moddervet geluid blies dit album menigeen van zijn sokken. Maar nu naar de nieuwe worp!

Het nieuwe album 'The Storm Within' werd druppelsgewijs losgelaten op het publiek. De video trailer beloofde al veel goeds. Later zal blijken dan er een viertal video’s zullen opgenomen worden in Ijsland. Misschien wel een beetje te veel van het goede maar het geeft gelijk aan waar Evergrey voor staat: de relatie tussen verschillende emoties die tegelijk ook mekaars tegengestelde kunnen zijn. Wie voor het eerst een Evergrey song hoort zal mogelijk omvergeblazen worden door de heftigheid van de gitaarpartijen en de schijnbaar dreigende stem van Tom Englund.

evergrey

Als je dieper in de muzikale aanpak gaat, dan komt daar bijna steeds dat pianoriedeltje in. Een straaltje zon of licht in een beladen song. Opener ‘Distance’ is een perfect voorbeeld daarvan. De band wil hier al eens gebruik maken van een riff die we eerder bij Tesseract of Periphery zouden verwachten maar dat is eerder een uitdaging voor de luisteraar. Het refrein zit er vol op: ‘It’s not over, we’ll be closer than before’.

‘Passing Through’ gaat iets vlotter binnen en valt meteen op door de melodieuze soli die er in verwerkt zitten. Wederom vullen Englund en Henrik Danhage mekaar perfect aan.

‘Someday’ hakt er gelijk in met een super progressieve rif die me wat doet denken aan ‘The Mirror’ van Dream Theater. Maar op hun totaal eigen wijze verleggen ze snel het ritmisch accent zoals enkel zij dat kunnen, of beter: nog steeds doen. De gitaarsolo’s liggen verspreid over de song en klinken huilend, beetje mistroostig. Met een onverwachte break en een mooie afsluiting is dit ook volop prijs!

‘Astray’ is een van de heftigste songs op het album maar blijft ook het minst hangen, ook al ken ik het album nu al door en door. Toch goede punten voor het bijzondere en ongewone gitaarwerk voor deze band.

Het vijfde nummer is een eerste ballad, een stijl die Evergrey met mate hanteert en perfect in een album weet te plaatsen. Tom’s stem is zonder twijfel een van de belangrijkste elementen in de band. Heel herkenbaar (check hem uit op het laatste DGM album!) en steeds vol van emotie, nuance en drama.

evergrey

Na deze pauze is het weer alle hens aan dek en komen we qua stijl terug in de ‘Recreation Day’ periode. Misschien wel hun sterkste album – tot nog toe. Vintage Evergrey.

Met ‘My Allied Ocean’ wordt er weer een versnelling hoger geschakeld en krijgen we de direct herkenbare Evergrey sound recht in het gezicht gesmeten. Niet meteen het meest beklijvende nummer van het album maar wel eentje dat teruggrijpt naar de ‘Recreation Day’ periode. Flarden van ‘Blinded’ komen er soms door. Gelukkig krijgen we even na het midden een dramatische break met spoken word en een vette solo van beide gitaristen waardoor dit nummer toch ook weer niet ongemerkt voorbij glijdt.

En dan volgt ‘In Orbit’, met als gastzangeres Floor Jansen (Nightwish). Dit is een heerlijk duet waarbij de beide stemmen perfect op mekaar zijn ingespeeld. Misschien wel het meest commerciële nummer op het album. Hopelijk wordt dit ook live gebracht met een bekwame zangeres. Ondertussen blijft dit nummer onvermurwbaar onder de hersenpan genesteld.

Met ‘The Lonely Monarch’  is de band er in geslaagd om alle herkenbare Evergrey elementen in een song te brengen. Deze is redelijk mid-tempo en geeft zich dan ook maar na enkele luisterbeurten volledig prijs. Wederom duizelingwekkende gitaarpartijen van beide gitaristen.

Wie de live dvd (cd) ‘A Night To Remember’ kent, weet dat Tom’s eega Carina een beetje het geheime wapen is van Evergrey. Niet dat zij te pas en te onpas aanwezg is, maar eens zij zich in een nummer manifesteert, stijgt deze song de hoogte in. Na een memorabele performance van ‘For Every Tear’ en haar versie van ‘…and the Distance’ op het onvolprezen en te snel vergeten album ‘Torn’, scheert zij zich terug aan de zijde van haar man met het geweldige ‘The Paradox Of The Flame’.

evergrey

Als je dit hebt gehoord, fan of niet, dan kan je niet anders dan toegeven dat dit een meesterwerk is van songwriting, instrumentatie, vocale harmonie en vooral emotionaliteit en drama.

Met het zeven minuten lange ‘Disconnect’ levert Evergrey het absolute kroonjuweel van het album af. Wederom met Floor in de backing en behoorlijk etherische inkleding. Daarenboven staat dit nummer bol van de wendingen. Niet om te laten horen hoe straf ze wel zijn maar om middels verschillende dynamieken een epos te creëren dat je aandacht gaande houdt.

Hevige riffs wisselen met het slepende refrein, welk nog eens wordt opengetrokken door opgevoerde achtergrondvocalen van de hele band. Na de gitaarsoli, ondersteund door nauwelijks hoorbare maar toch aanwezige orkestratie komen we op een punt waarop alles kan.

Maar zoals eerder gesteld komt Evergrey na enkele minuten ‘heavyness’ dikwijls op de proppen met een instrumentale aanpak die enkel maar hoop doet vermoeden. Ook hier dus, waarbij terug een vinnige en opgewekte gitaarpartij het nummer naar een glorieus einde leidt.

evergrey

Dit is zonder enige twijfel een van de strafste dingen die Evergrey ooit heeft verwezenlijkt.

Het titelnummer, ook meer dan 6 minuten, laat dan weer een heel andere zijde van de band zien. Voort breiend op het slotakkoord van ‘Disconnect’ gaat men over is een haast symfonisch landschap dat we al eens horen bij een band als Anathema.

Tom Englund zingt zijn laatste pijn/lijden/ en andere emoties nog van zich af om het album en de song dan te laten eindigen in een kort maar koud aanvoelende soundscape.

Daarmee zitten we aan het einde van de reguliere tracklist. Er zijn uitgaven (o.a. de vinylversie) met nog een cover van Black Sabbath’s ‘Paranoid’ en zelfs daar geraken ze mee weg.

 ‘The Storm Within’ is een ware triomf voor Evergrey. Na het vorige album, waarbij ze nagenoeg elke rechtgeaarde fan wisten te verrassen, hebben ze eindelijk hun ‘pinnacle’ bereikt. Aan dit album is echt niets toe te voegen.

We kunnen enkel hopen dat Tom’s voorspelling dat hij ‘maar’ tien albums wil maken een uitspraak was om het lot te tarten. Dit, jawel, tiende album mag niet het einde zijn van de carrière van een van de meest boeiende bands uit de harde scene.

evergrey

09:19 Gepost in Muziek | Commentaren (0)

16-10-16

Hongarije, deel 3

Flag_of_Hungary2.jpg

Deel 3 (slot)

 

We zijn dus op weg naar het Oosten.

Onderweg stoppen we eerst nog in Gödöllö, alwaar we een van de vele kastelen bezoeken die ooit door Keizer Frans-Jozef werden gebouwd. Hier kwam zijn echtgenote, de fris ogende Elisabeth ofte ‘Sissi’ het liefste. Het bezoek is intens, veel info, het is een openbaring over het échte leven van de sprookjeskeizerin. Ik voel me verplicht een historisch boekwerkje aan te schaffen in de shop. Elisabeth heeft op zich weinig historische waarde maar haar levensverhaal schetst wel een (niet zo) fraai beeld van de adel en zijn verplichtingen in de 19e eeuw.

Mag blog (50).jpg

Eger is een fijne stad op het eerste gezicht en ook hier zullen we twee nachten blijven. Het hotel ('Eger') is immens want het bestaat uit twee hotels die zijn samengevoegd. Van de kamer naar het restaurant is een eindje lopen door gangen en trapzalen maar het heeft wel zijn charme.

De pastelkleurige veel te hoge gelagzaal oogt wat wij noemen ‘oostblok-stijl’. Fijn, want daarvoor komen we. Het eten is zeer goed, een heerlijk gevarieerd buffet. Het personeel is wat stug en onhandig maar ook hier is de wijn en het bier heel erg goed. Heel erg.

De volgende dag begeven we ons dus in de stad en starten met een bezoek aan de St. Johannes Basiliek. Vlak naast de ingang staat een beeld van Priester Kolbe, een man die ik ook in Oswiecim, Polen heb begroet.

Mag blog (51).jpg

Mag blog (52).jpg

De stadswandeling brengt ons langs enkele barokke en jugendstilgebouwen maar echt vrolijk ziet het er allemaal niet uit. Ik kijk echter wél uit naar een bezoek aan de Vár, de burcht. Elke stad van betekenis heeft er een, dus zeker ook Eger.

Hongarije werd meer dan welk Westers land ooit bezet door de Turken en de burcht van Eger heeft daarin een rol gespeeld. Nadat ze de Ottomanen lang hebben kunnen afschepen, werd het in 1596 ingenomen door de Turken en voor ruim 80 jaar lag de stad en de regio onder Ottomaans bewind. Pas in 1687 werd de burcht heroverd. Ondertussen werd er in Wenen reeds gefeest omdat de Turken verdreven werden. Het is een mooi stukje wandelen tot aan de inkom en de muren ogen dan ook indrukwekkend.

Mag blog (53).jpg

Mag blog (54).jpg

Eens binnen krijgen we wederom meer dan voldoende duiding door onze gidse maar m.i. iets te weinig tijd om de burcht effectief te bezoeken. Gelukkig is het overzichtelijk en is niet alles toegankelijk, dat maakt dat er toch een algemene indruk kan opgedaan worden.

Mag blog (55).jpg

Als we afdalen naar de stad stranden we op het grote plein centraal in de oude stad. Daar staat uiteraard een ferm beeld over de herovering van de stad. Een herovering die – het huidige straatbeeld indachtig – nog steeds een succes mag genoemd worden.

Er wordt tegen de middag afgesproken aan het hotel op een steenworp afstand. We stijgen in voor een korte rit naar wat heet ‘De vallei van de mooie vrouw’, een vallei waar de wijnhuizen zich kilometerslang aan mekaar aansluiten.

Mag blog (56).jpg

Mag blog (57).jpg

We belanden in het ‘Kulacs Csárda Panzio’, een van de vele etablissementen die al te graag de bussen geestdriftige toeristen ontvangen. Het cliché maakt dat je zeker eens zo een tent moet bezocht hebben.

Het gezellige restaurant nodigt uit om wederom een heerlijk aanbod van streekgerechten te verwerken. We beginnen met een glas witte wijn, gevolgd door een glas rode en er volgen er nog. Deze gaan vlot binnen en de fantastische goulash soep is waanzinnig lekker.

De wijn blijft maar vloeien en ondertussen is er een zigeunerorkestje in gang geschoten – ja, zo komen naast je oor spelen, zo hoort het. Het plaatje was compleet.

De schotel koude vleeswaren was als voor een heel leger bedoeld, dus werden alle remmen losgegooid. Er werd afgesloten met dé wijn van de streek, het zogenaamde ‘stierenbloed’. Een wel erg donkere rode wijn die toch vlot wegdrinkt.

Na de middag zijn we vrij (dat klinkt suf, hé).

Dus wordt er – naast het fysiek verwerken van de maaltijd – nogmaals op eigen houtje door de stad gewandeld, koffie gedronken en genoten van het wederom heerlijke weertje. Over de werking van mijn spijsvertering ga ik niet uitweiden maar laat ik stellen dat het niet eenvoudig was en dat haast en spoed soms wel degelijk goed zijn. Later bleek ik niet de enige geweest te zijn en waren we ’s avonds terug in volle vorm!

Van Eger terug naar het Westen rijden. Dat is de opdracht. En tegelijk rijden we dus ook weer een stukje naar het einde.

We scheren terug langs de noordrand van Boedapest maar maken vervolgens een draai naar links en zijden richting Donaubocht, een van de meest schilderachtige plaatsen van het land en misschien wel van heel centraal Europa. De Donau maakt daar in stroomrichting een bocht van haast 90° naar het zuiden. Het landschap is een schilderij waard.

Mag blog (66).jpg

Als extraatje stoppen we even in het stadje Szentendre (St Andreas). Op zich niet bijzonder maar er is wel een hoop ambachtelijke bedrijvigheid gaande waardoor we ons indien nodig ook weer vlot van de Forinten kunnen ontdoen. Het plaatsje ligt letterlijk aan de Donau.

Mag blog (63).jpg

Mag blog (61).jpg

Mag blog (58).jpg

Mag blog (60).jpg

Verder wordt er gestopt aan de burcht van Visegrad. Het is een ferme beklimming per trap en gewoon bergop om de burcht te bezoeken, maar dat was natuurlijk ook de intentie.

Er is wel wat volk op de been maar het loopt vlot. Het bouwwerk staat stoer bovenop een van de heuvels en biedt een geweldig zich over de Donau en omliggende streken.

Mag blog (67).jpg

Mag blog (69).jpg

Mag blog (70).jpg

Na deze excursie houden we halt in een openluchtrestaurant alwaar de culinaire orde ook gerespecteerd wordt. Meer moet ik daar niet aan toevoegen. Ik kan wel stellen – en dan overdrijf ik niet eens, dat ik op deze reis meer vlees heb gegeten dan in het hele jaar tot hiertoe. Ach, wat!

Laatste stop alvorens we de dag afsluiten is – hoe verwonderlijk – de Basiliek van Esztergom, tot nader order het Christelijke epicentrum van het land, ook al ligt het ei zo na op de grens met Slowakije.

Mag blog (79).jpg

Mag blog (80).JPG

Mag blog (76).jpg

Mag blog (78).jpg

Achter het gebouw kijken we op de Donau en aan de overkant ligt dus Slowakije waar je de dag van vandaag ook gewoon naar toe kan rijden.

Wij rijden verder tot in Györ, onze laatste slaapplaats in Hongarije. We slapen in het centrum van de stad wat maakt dat we in klein gezelschap na de maaltijd de stad induiken en wederom de schoonheid van de verlichte gebouwen kunnen aanschouwen.

Mag blog (81).jpg

De volgende dag maken we een wandeling door de stad waarbij Edit ons alweer overlaadt met gegevens. Hongarije, ze geraakt er niet over uitgepraat.

 

Mag blog (82).jpg

Mag blog (83).jpg

Mag blog (84).jpg

Als we samenkomen voor de lunch lijkt het wel of het er bijna opzit. We moeten onze laatste Forinten kwijt want bij ons zijn deze niet veel waard. Dus schuimen we nogmaals de winkelstraten af.

Mag blog (65).jpg

Bij aankomst aan het hotel blijk onze schattige chauffeur onze koffers reeds ingeladen te hebben waardoor de definitieve terugreis kan aangevangen worden. Dit wil zeggen: een eind door Oostenrijk en dan Duitsland tot in Deggendorf.

De laatste dag is zoals geweten de zwaarste, ook al kunnen we zelf weinig uitsteken. Terug die honderden kilometers Autobahn met de nodige files. Raststätte, koffie, toiletstop, benen rekken, ommetje maken. Ik ken de dril ondertussen.

Al bij al komen we toch op tijd terug in Groot-Bijgaarden alwaar er vlot wordt afgesloten.

Deze te korte reis - noem het gerust een verkenning - door het ‘land van de Magyaren’, was er eentje dat zeker niet bol stond van de verrassingen maar zich wel kon verkopen door de ontspannen sfeer, de kleine dingen die het aangenaam maakten, het fijne gezelschap en de toch wel bourgondische aanpak van de reis.

Niet meteen voor herhaling, daar is het niet boeiend genoeg voor. Wel kijk ik uit om een extra bezoek te brengen aan Boedapest.

Hongarije was toch een fijne uitbreiding van mijn repertorium van bescheiden reizen.

 

 

 

10-10-16

Hongarije, deel 2

Flag_of_Hungary2.jpg

Deel 2

 

De volgende dag blijven we heel de dag in Pecs, in 2010 nog culturele hoofdstad van Europa. Dit is dus geen dorp.

Vreemd genoeg starten we in ons eigen hotel waar een heuse Béla Bartok concertzaal is. Op het 'schoonste verdiep', in principe niet toegankelijk voor residenten, bevindt zich deze bescheiden zaal waar de goede man in 1923 een recital gaf. Meer is er niet nodig om dit te gedenken.

De zaal lijkt eerder op een aftandse parochiezaal en ruikt ook als dusdanig maar de toegang is opgeleukt met fijne art-déco glasramen en ornamenten.

Mag blog (12).JPG

Mag blog (11).JPG

We maken een stadswandeling en bekijken de Basiliek-met-vier-torens. Tijdens de wandeling loopt het vol schoolgaand volk. Niet abnormaal maar ik moet tegelijk noteren dat ze allemaal aan het eten zijn.

Mag blog (15).jpg

Mag blog (17).jpg

Onze gids zei het al: fastfood is ‘in’. En ja, het is nog geen 10u en de pizza’s, durum, pita’s en worst allerhande wordt in grote hoeveelheden binnen geschoven. Ik moet dan ook zo vroeg op de reis vaststellen dat – met uitzondering van een enkele strakke yuppie – de vrouwelijke bevolking niet echt fris oogt. Ik baseer me makkelijkheidshalve op de fotobuit en ik kan me nergens op betrappen. Miss Hongarije? Neen, niet voor mij.

Mag blog (12)d.JPG

Van de vrije tijd maak ik gebruik om de lokale Media Markt binnen te glippen en mezelf aan een noodtelefoontje te helpen. Het valt me op dat de prijzen toch in de buurt van de onze komen. Hoe men dat klaarspeelt in een land waar de lonen minder dan de helft van de onze bedragen, is me een raadsel. Soit, dat was opgelost.

We eten in een van de vele wijnkelders die tot een restaurant zijn omgevormd. Neen, het was niet echt ok maar dan ook niet in die mate om er ongepaste opmerkingen over te maken zoals een van onze metgezellen dacht te doen. En neen, ik ken niet eens zijn naam.

Mag blog (12)c.JPG

Mag blog (12)b.JPG

Aansluitend bezoeken we een museum met bijzondere decoratieve, historische stukken. Van eeuwenoud tot de Jugendstil, die ook hier ijverig gebruikt werd. Verder was het op eigen initiatief rondwandelen. Het moet niet gezegd dat er vele bekende gezichten op de terrasjes zaten…

Wij bezoeken ook nog de oude moskee van Pasha Quasim. Huh? Geen paniek overigens want nadat de Turken verdreven waren werd er een kerk ter ere van St -Augustinus tegenaan gepoot. Vreemd genoeg werd het moskee-gedeelte uiterlijk gespaard maar binnenin geïmplementeerd in de Christelijke tempel. Het geeft een bijzonder beeld.

Mag blog (12)f.JPG

Mag blog (14).jpg

Mag blog (18).jpg

Als we in klein gezelschap een wandeling rond het stadscentrum maken, merk ik op dat de uitlaatgassen van een heel andere orde zijn dan bij ons. Het is dan ook langzaamaan spitsuur aan het worden en dat is niet het uitgelezen moment om de bescheiden 'ring' af te wandelen. Mijn excuses daarvoor aan mijn compagnie.

Het fleurt enigszins op als we aan de oude wallen komen die dan weer uitgeven op de basiliek. Zo zijn we ook getuige van de voorbereidingen van een stadsfeest met optredens diezelfde avond. Met het plan in het achterhoofd om later eens af te zakken, kuieren we langzaam naar ons hotel.

Diezelfde avond blijkt dan weer alles afgelast wegens de onweersdreiging. 

 

Mag blog (12)e.JPG

De volgende dag scheuren we terug naar het noorden en volgens de voorspellingen zou het weer zich keren. Er wordt geen regen meer voorspeld. Het zou nog beter dan dat worden!

We rijden naar het stadje Solt en meer bepaald naar de Révbérpuszta. Ja, de poesta dus. Het klinkt misschien wel romantisch maar eigenlijk is het gewoon het platteland, ‘den buiten’, waar ik graag kom.

We worden vrolijk ontvangen met een glaasje pálinka, vergelijkbaar met slivovich, en kunnen naar believen plat brood met een smaakvolle kaas draperen. Er wordt met wijn rondgegaan dat het een lieve lust is en, zal later blijken, als we meer dan onze portie alcohol binnen hebben, kunnen we zelfs souvenirs kopen! Wie had dat gedacht? Gelukkig maar dat iedereen toch nog een beetje bij zinnen was.

Mag blog (21).jpg

Omdat de Hongaarse taal een vreemde eend in de Europese talenbijt is, wordt er vlot Duits gehanteerd en indien nodig Engels. De oorlog heeft hier blijkbaar andere sporen nagelaten dan in Polen, waar Duits in gebruik is maar niet echt warm ontvangen.

Zoals het dan hoort, maken we een ritje met de paardenkar wat hier en daar voor de nodige hilariteit zorgt.

Mag blog (22).jpg

Mag blog (23).jpg

De pop-up winkeltjes verkopen de traditionele stuff, stoffen, kantwerk, beschilderde potjes en vazen, honing, worsten en wederom wijn, welke vlot blijft binnengaan. Heel verleidelijk allemaal en een mens moet toch iets, hé? En daarbij: het is heerlijk weer, eindelijk.

We schuiven aan in een gebouw waar muziek uitkomt. We zitten nog maar net of gigantische potten goulash worden op de tafels gezet. Help jezelf dus. Heerlijk want we zijn uitgehongerd.

Jawel, de clichés stapelen zich op. Ik ben steeds eerlijk en zeg hierbij dan ook dat ik nog nooit zo een geweldige soep heb gegeten. De smaak was overrompelend, het vlees smolt gewoon weg, de paprika’s, de uien en wat ze er ook allemaal indraaien, dit was het beste wat ik – zeker deze reis – al gegeten had. Vervolgens werd er een beetje vlees aangesleept.

Mag blog (24).jpg

Op vakantie gooi ik vele normen overboord en dan moet er gezeten worden aan de ‘trésors du terroir’ en dat doen we dan ook tot de grens van absolute verzadiging bereikt is. Goed, hiermee zal ik geen poëzieprijs winnen, maar dat zal me worst (worst!) wezen op deze eerste volledig geslaagde reisdag.

Na de lunch volgt er een display of show van de bekende poesta ruiters. Veel kan ik er niet over vertellen, de beelden geven alles weer.

Mag blog (26).jpg

Mag blog (27).jpg

Mag blog (32).jpg

Tot slot bezoeken we de boerderij die in oude staat is herleid. Een beetje kinderboerderij kijken, vond ik het maar al bij al was het onschuldig infotainment.

We rijden vervolgens naar Boedapest, u weet, de hoofdstad van het land. We blijven aan de Boeda-zijde van de stad. Deze is een beetje de groene zijde van de stad, meer residentieel. De overzijde is het meer levendige hart van de stad. Als de naam Boedapest valt is er altijd wel een slimme die de twee stadsdelen moet uitleggen.

Mag blog (42).jpg

Mag blog (34).jpg

De avond heeft nog een mooie uitstap in petto. Beetje obligaat maar desalniettemin… een avondlijke boottocht op de Donau. Je ziet het op de postkaarten en in de boekjes en soms op tv maar wij zitten rond 21u op een rivierboot naar de verlichte paleizen, kerken en bruggen te staren. Ondanks het frisse weer en het koele drankje is het toch een fijne belevenis. Foto’s nemen is niet zo eenvoudig als ik eerst dacht.

Mag blog (35).jpg

Mag blog (36).jpg

De volgende dag – ja, we blijven maar een nacht in de stad – zullen we een speeddate met de stad hebben. En we beginnen met een klim naar het hoogste punt van de stad. De citadel met het ‘Vrijheidsstandbeeld’. Ooit stond er een Russische soldaat op de centrale plaats op het monument, deze is sinds ‘de omwenteling’ verwijderd en heeft het woord ‘vrijheid’ een heel andere betekenis gekregen voor de Hongaren.

Mag blog (41).jpg

Mag blog (40).jpg

Het uitzicht op de stad is geweldig. We kunnen haast alle bruggen tellen en zien het centrum leven aan onze voeten. Maar we moeten verder.

Even aan de Pest-zijde kunnen we een bezoek brengen aan de grote overdekte markthal of even snel de omliggende straten verkennen. We kiezen voor het laatste maar kiezen snel voor de markt. Centrum Boedapest is niet minder druk en bezoedeld dan onze drukke steden. Dus terug naar de markt.

Mag blog (44).jpg

Mag blog (43).jpg

Volgende stop is St Istvan ofte Stephanus – Basiliek. Aansluitend stap ik met gezelschap het poepchique hotel ‘Four Seasons’ binnen. Hier logeert ’s werelds royalty maar wij drinken er gewoon een cappuccino. Overigens goedkoper dan op de Grote Markt in Brugge.

Mag blog (47).jpg

Nog een stop zit eraan te komen: het Heldenplein, waar alle historische Hongaren een plekje hebben gekregen.

Mag blog (48).jpg

Mag blog (49).jpg

We rijden verder naar het Oosten, naar de stad Eger om precies te zijn. Als we blijven doorrijden komen we in het oostelijke gedeelte van het land en zijn we omringd door buurlanden Slowakije, Oekraïne en Roemenië. Maar zover komt het gelukkig niet.

06-10-16

Hongarije, september 2016

Flag_of_Hungary2.jpg

Deel 1

 

Net terug van het verre Polen en de koffer wordt alweer gepakt om toch wel een beetje dezelfde richting uit te gaan. De kuddes naar het zonnige zuiden laat ik dit jaar links liggen en kies resoluut voor de files in Duitsland.

Aangestoken door een reisvriend werd Hongarije aan de groeiende lijst toegevoegd. Beetje mysterieus, dat wel, want wat weten we tenslotte over dat stille land in onze Unie?

Als onze gidse – 100% Hongaarse – ons gedurende tien dagen diets maakt in het Hongaarse leven, geschiedenis, politiek en ook: het culinaire leven, dan luister ik gedwee want ook ik weet nauwelijks iets over dat land. Tijd dus om erop uit te trekken!

Met 32 ingezetenen, is het wederom een lust om te reizen. Comfort alom, meer dan voldoende been-en andere ruimte om het me gemakkelijk te maken. Met enkelen duiken we dan ook in het achterste gedeelte van de karros.

Met een kleine 800 km op de eerste dag belanden we bijna aan de grens van Oostenrijk. Vroeger waren we er al bijna geweest. Toen Oostenrijk en Hongarije nog één groot rijk vormden. We overnachten een keer bij de buren en kijken alzo voor een tweede dag uit op een grijze lucht.

Maar er resten ons toch nog 390 km alvorens we onze euro’s kunnen wegstoppen en de Forinten bovenhalen. En dan zijn we nog maar heel even over de grens.

In Sopron, Hongarije, komen we omstreeks de middag aan. Hongerig en toch wat nieuwsgierig wandelen we het centrum in. Beetje troosteloos. Geen hond te bekennen en de hemelsluizen lijken wel op barsten te staan.

Na een toch wel dubieuze maaltijd (wat hebben we nu gegeten?) en een grote Soproni pils, wandelen we verder de stad in. Heel de stad is wat kleurloos door het grauwe weer en echt fraai oogt het allemaal niet. Neen, slechte start. Daarenboven geraken een deel van de medereizigers wat in de war als er valuta moet gewisseld worden, wat op zich nergens een probleem is.

Eens in het hart van de stad openbaart zich een fraai plein met het stadhuis en meerdere kerken. Het paar dat vandaag het plein in bezit neemt om hun huwelijk publiek te maken, had zich waarschijnlijk ook wel fraaiere omstandigheden gewenst.

Mag blog (1).jpg

Als even later alle registers worden opengetrokken is de pret er snel af. Ik zal in deze miserie bovendien ook nog mijn smartphone laten verzuipen opdat de sfeer helemaal top zou zijn…

Het hotel ligt ergens boven op een berg, tussen de bossen. Ja, stil is het er wel en het natte woud ruikt lekker. Ook blij dat ik droge kledij kan aantrekken. Na een flinke maaltijd heb ik het toch ook al weer snel gehad.

De volgende dag oogt het al niet veel beter. We starten droog maar de dreiging blijft. We hebben toch weer een flinke rit voor de boeg. We rijden naar het zuiden van het land maar met een omweg. Ook in Hongarije bestaan die.

Via de stad Györ rijden we naar Zirc. Aldaar wordt een Cisterciënzer Abdij bezocht. Ik hoor u al denken: Wauw, die gaan er nogal tegenaan! Maar het hoort erbij. Opwindend? Neen.

Later op de reis maken we de balans op en komen op net geen volledige kerk of basiliek per dag. Dat valt nog mee. En daarbij: een beetje cultuur op zijn tijd kan geen kwaad. Helaas moeten we hier af en toe weleens te lang wachten om het volgende hoofdstuk te kunnen aanvatten.

Mag blog (2).jpg

We worden opgevangen door een 200-jarige pater die ons uitleg verschaft over de bouw van de toch wel indrukwekkende kerk. Gelukkig maar dat onze gidse vanuit haar moedertaal naar behoorlijk Nederlands weet om te zetten. Uiteraard veel blablabla waarvan ik maar de helft gehoord of verstaan heb. Ik kijk liever. Ik ben een ziener, geen luisteraar.

Vervolgens naar de bibliotheek van de abdij. De geur van de gangen grijpt op mijn adem. Het sacrale residu zal na datum hartig worden verwijderd. De boekenverzameling is een verzameling boeken die zich hier en daar laten verleiden tot een portret of stilleven.

Mag blog (4).jpg

Even verder, in de stad Veszprem eten we gezamenlijk en het lijkt er toch wat meer op. Ja, dit is een volpensionreis en dat zal ik geweten hebben. Het is leven van maaltijd naar maaltijd, zo lijkt het toch.

Een stadswandeling brengt orde op zaken en we eindigen bij een fraai uitzicht. Als we naast de alomtegenwoordige Koning Istvan (ca. 1000 n.C.) en zijn gezellin Gizella kijken, hebben we een overzicht over de buitenstad. We staan aan de rand van de oude burcht maar van dat gebouw zelf is er niet veel meer overeind gebleven.

Mag blog (7).jpg

Mag blog (7)b.JPG

We dienen nog wat kilometers af te werken en moeten daarvoor het Balatonmeer oversteken. Gelukkig is daar een veerpont voor voorzien. Mooi initiatief want eigenlijk hadden we er net zo goed langs kunnen rijden. Maar langs de andere kant: een stukje varen is altijd leuk en het is dan ook een opsteker qua activiteiten betreft. Trouwens, op dit punt heeft de reis een behoorlijke 'kick in the butt' nodig. Of die er gaat komen, is een andere vraag.

Waar wij oversteken is het nog geen kilometer breed maar dit meer is dus werkelijk bijzonder groot. Met net geen 600 km² hoort het bij de grootste zoetwaters van Europa. Voor de Hongaren, die dus geen echte kustlijn hebben, is dit meer dan een geschenk.

Sommige van de steden aan de oever zijn bovendien ware partysteden en het lijkt me niet fout om hier als West-Europeaan op vakantie te komen. Maar toch gun ik het de Hongaren. Echt opwindend is het allemaal niet maar als je je vakantie al etende of drinkend wil doorbrengen, lijkt het me wel wat.

Mag blog (8).jpg

Mag blog (9).jpg

Dus op de pont en even genieten van het water dat zich voor een keer onder ons bevindt en niet druilend van onze regenjas loopt.

Het is al donker als we aankomen in Pecs, op vier na de grootste stad van Hongarije. Ons voorziene hotel is in restauratie dus we schuiven even op naar het centrum. Letterlijk want we logeren in het statige Palatinus Hotel, gelegen in het uitgangsleven van de stad.

Het hotel getuigt van een vergane Jugendstil glorie maar staat nog steeds goed in zijn schoenen mede dankzij de ideale ligging. Het restaurant is al zeker 50 jaar niet up-to-date gebracht. Maar het is proper en het eten is ‘te doen’ en dat bedoel ik niet positief.

Mag blog (10).jpg

Meer dan content dat ik op mijn kamer ben. Geënerveerd omdat mijn ‘foon het nog steeds niet doet maar klaar om aan tafel te gaan. Nu moet je weten dat Hongarije ooit een land was met aanzien. Beetje Parijs, beetje Berlijn maar dan eerder van willen en niet echt kunnen.

Als je in Hongarije eet, is er een zeker stramien. Eerst soep. Sterk van smaak, soms eerder gelijkend op een cementspecie, maar wel heel lekker. Ik begrijp het niet dat sommige gerechten zo op tafel belanden. Ik heb mijn deel van jeugdkampen gehad en kijk al eens naar ‘Komen Eten’. Er werd wel wat gelachen aan tafel. Ok, het was erg basic.

Vervolgens komt er een bordje opgelegde witte kool en aanverwanten aanschuiven. En dan volgt de berg rijst of aardappelen met een halve koe er bovenop. Als je geluk hebt, wordt de hele bergketen nog gedrapeerd met gesmolten kaas. Maar we hebben niet altijd geluk. Soms wachten we op de saus, als die er al is, ofwel komt deze een halfuur na datum opdagen. De wil is er maar de daadkracht ontbreekt, ik zeg het u.

Maar het bier is meer dan ok en de occasionele wijn is ook zeer te genieten. En bovenal: alles is zeer tot heel erg goedkoop. Als je in de stad wat drinkt of snoept, het is voor ons spotgoedkoop. Hierbij is het dan gezegd.

In beperkt gezelschap maken we nog een avondwandeling en als bij wonder blijft het droog. De meeste gebouwen zijn mooi verlicht en dat is altijd een opsteker voor wie laat de stad in wil. En bovendien lijkt het nu veel aantrekkelijker dan overdag. Na wat heen en weer geloop crashen we toch op een terrasje. Met spoed want die wil dan ook net gaan sluiten.

Mag blog (20).jpg