25-05-08

If any question why we died, tell them because our fathers lied...

De Artois maakt deel uit van de regio ‘Nord-Pas-De-Calais’, en heeft als centrale stad, Arras. Andere bekende plaatse zijn St. Omer, Lens en Bethune. Makkelijk te bereiken via Kortijk, Armentières of Lille. Een kleine sprong over de grens dus.

 

Omdat wij graag gelijk op ons doel afgaan, was het eerste ‘point of interest’ gelijk een Memorial Park. Het Fromelles Australian Memorial Park is gesitueerd net buiten het dorp. Het is gelegen op de Duitse linies welke werden aangevallen door de Australiërs op 19 juli 1916. Deze werden kort bezet, maar snel weer uit handen gegeven. In de aanval en de algehele terugtrekking naar de eigen linies verloor de 5e Australische Divisie nagenoeg 5500 man. Velen werden gewond tijdens de terugtocht en bleven geruime tijd in het niemandsland achter. Verschillende dapperen waagden hun leven om hun kameraden van het slagveld te halen. Dit wordt erg grafisch weergegeven door het beeld van Peter Corlett, geplaatst tussen de resten van enkele Duitse bunkers. Cobbers 4  25% titleCobbers 1  25% titleCobbers 2  25% titleNet zoals bij mijn vorige bezoek speelt de zon mij parten waardoor ik nauwelijks een goed frontaal zicht op het beeld heb. Het silhouet tekent zich dan ook tot op grote afstand haarfijn af tegen de felle lucht. Al snel hebben we door dat wij deze drie dagen behoorlijk wat foto’s zullen schieten. Een monument als dit vraagt er dan ook om.

Cobbers 3  25%  title

Op wandelafstand ligt het VC Corner Cemetery. Hier liggen de resten van 410 ‘Diggers’ welke niet geïdentificeerd zijn na de oorlog wegens pas geborgen na de wapenstilstand. Opvallend is dan ook dat er geen individuele grafstenen staan, zoals we kennen van de Britse kerkhoven. Twee stenen kruisen staan afgebeeld in het smetteloze gazon. Op de muur achteraan staan nog de namen van 1298 soldaten van de 5e Div. die geen gekend graf hebben. Verder valt te vermelden dat dit het enige War Cemetery is waar enkel Australiërs rusten.1  Cobbers view VC 1  25% title1  VC Corner 3   25% title1  VC Corner 6   25% title

Even naar de wagen om een ferme kilometer verder het hoekje om te gaan. Daar vinden we Le Trou Aid Post Cemetery. Via een klein gebouwtje kom je precies in iemands tuin terecht. Buiten de traditionele rust, straalt deze plek nog een soort gezelligheid uit. Het omringende water met eendjes, en de schaduw geleverd door de treurwilgen, geven hier een extra sfeer. Deze plek was reeds in oktober 1914 het eindstation voor vele gesneuvelden. Later werden doden uit de omstreken hier bijgezet. Het glooiende landschap van het toch niet zo grote kerkhof biedt boeiende zichten op de inplanting van de stenen.1  Le trou 2   25% title1  Le trou 3   25% title

Volgende post is het dorp Neuve-Chapelle. De slag die hier werd uitgevochten (10-12 maart 1915), was van cruciaal belang voor de verdere ontwikkeling en aanpak van het Britse leger. Voor het eerst werd er een behoorlijke artilleriebeschieting gepland en werd er vanuit de lucht bijgehouden hoe de zaken er voor stonden. Communicatie werd belangrijk, temeer omdat het succes de infanterieaanval later in de strijd afhing van de eerdere resultaten. Dat er een chronisch gebrek was aan (juiste) munitie was van ondergeschikt belang. Op het thuisfront werd dit politiek uitgevochten; in Frankrijk liepen de bevelvoerders met de neus in de lucht en zetten kost wat kost hun plan door. En dat viel hier dan nog erg mee ook. Het dorp werd vrij vlot ingenomen. Slechts enkele weerbarstige Duitse mitrailleursnesten hielden de zaak hier en daar op. Van de 40 000 geallieerde manschappen, lieten er 7000 Britse en 4200 Indische het leven. Zelfde cijfer aan Duitse zijde. Met Neuve-Chapelle te heroveren hadden zij een sleutelpositie in de ‘Aubers Ridge’ kunnen innemen. Toch ten koste van een hoge prijs. Uiteraard was dit peanuts in verhouding met wat er nog zou volgen.Opvallendste monument is het Indian Memorial Dit ligt op een punt, toen gekend als ‘Port Arthur’. Dit monument houdt de herinnering levende aan de gesneuvelden én gedeporteerden van de Indische brigades die hier zwaar werk leverden. Een rondom gesloten tuin met een 15m hoge zuil, geflankeerd door twee tijgers en diverse afbeeldingen van exotische dieren, laat geen twijfel mogelijk. De vermelding ‘India 1914 – 1918’ geeft duidelijk aan dat deze koloniale onderdanen meer dan hun dienst bewezen hebben en daar best een eigen plekje voor mogen hebben. Hier worden ook de Indiërs herdacht die in België gevochten hebben, én 210 manschappen die als krijgsgevangen het leven lieten in Zehrensdorf nabij Berlijn. Pas na de val van de muur werd ter plaatse ook een officiële gedenkplaats opgericht.1  Indian  5  25% title1  Indian 3   25% title1  Indian 6  25% title1  Indian book   25% title1  Indian 2   25% title

1  indian 7   25% 75% title


Een goede 100m verder op de baan vinden we het Portuguese Cemetery. In de tweede fase van het Duitse lenteoffensief in april '18 (Slag om de Leie) werd de 2e Portugese Divisie ingezet. Van de 1831 graven zijn er 239 'Desconehcide', ofte onbekend.
De grafstenen zijn van een kenmerkende vorm en de José’s en Joaquins zijn gegraveerd in een brute steen. De voorbij stormende trucks op de baan slagen er ook niet in deze vrijwilligers terug tot leven te brengen. Dit is het eerste Portugese monument dat ik tegenkom op het Westelijke Front.1  Portuguese 1   25%  title1  Portuguese 2   25% title

Festubert. Was het niet om de slag die hier plaats had in mei 1915; niemand zou er van gehoord hebben. Ook hier een gebrek aan munitie. De geallieerden hadden op dat moment immers tevens de handen vol in Gallipolli (Turkije), waar hun landingstroepen vastgenageld zaten op de stranden. Oorlog voeren op verschillende fronten vergt natuurlijk veel materiaal en we mogen niet vergeten dat Groot-Brittannië vòòr de 1e Wereldoorlog enkel een klein maar wel erg professioneel leger had. En in een oorlog die volop op industrieel niveau begon te draaien, diende er erg te worden bijgebeend. Dit zou leiden tot het feit dat er voor de veel grotere aanval in Loos vier maand later nóg minder munitie voor handen was. Hier vind je op een km² een vijftal cemeteries, maar ongemeen mooi is het Le Touret Memorial to the Missing. Het grootste gedeelte van de niet-geïdentificeerde gesneuvelden worden hier herdacht. Je weet niet waar eerst kijken bij het betreden van dit monument. Een zuilengalerij met frisgroene binnentuinen doen het op een Italiaanse piazza lijken. Doch op de muren vinden we de namen van maar liefst 13375 soldaten, alles gesneuveld tussen 1914 en september ’15. Vanuit de ontelbare invalshoeken lijkt dit monument soms iets van een labyrint te hebben.1  La Tourette 3   25% title1  La Tourette 4   25% title1  La Tourette 5   25% title1  La Tourette 6   25% title1  La Tourette 7   25% title

De slag bij het mijnersdorpje Loos (25 september – 18 oktober) was het eerste grote Britse offensief van de oorlog. En de eerste keer dat de geallieerden gas gebruikten. Een groot gedeelte van de troepen bestonden uit Schotten, waaronder de 9th (Scottish) Division, de allereerste eenheid die werd samengebracht onder Kitchener. Het gas van de Britten (keurig ‘the accessory’ genoemd) deugde voor geen meter en ook de weersomstandigheden (de wind in dit geval) was niet zeker of het zijn medewerking zou verlenen. Uitgerust met primitieve gasmaskers gingen zij in de aanval. De afwezigheid van de reservetroepen stond de ambitie van (toen nog Legercommandant) Douglas Haig niet in de weg. In het zuiden verliep de aanval naar plan, maar in de noordelijke sector zat het erg tegen. Niet alleen zaten de Duitsers behoorlijk ingegraven, daarenboven keerde de wind en werd het chloorgas naar de eigen stellingen teruggedreven. Met een zekere chaos tot gevolg.Pas na enkele dagen liet Generaal French het reserveleger los. Onder hen John Kipling, zoon van de toenmalig grootste schrijver en protagonist van ‘the Empire’, Rudyard Kipling. Tijdens zijn eerste militaire actie sneuvelt John op 18-jarige leeftijd. Zijn naam komt op de muur van het Dud Corner Cemetery. Pas in 1992 werd het (vermeende) lichaam van John geïdentificeerd en bijgezet op het St. Mary’s ADS Cemetery. Rudyard zou na de dood van zijn zoon geen verheerlijkende literatuur meer schrijven. Legendarisch is zijn citaat ‘If any question why we died, tell them, because our fathers lied’. Misschien wel de mooiste, zoniet de meest aangrijpende woorden uit de Engelstalige literatuur….1  Dud Corner 1  25% title1  Dud Corner 2  25% title1  Dud Corner 3  25% title1  Dud Corner 5  25% title1  Dud Corner 8  25% title1  Dud Corner 9   25% title1  Dud Corner 11   25% title

The Loos Memorial / Dud Corner Cemetery. Hier staan de namen van 20633 gesneuvelde soldaten op vermeld. Naast John Kipling, tevens de dichter Charles Hamilton Sorley en de broer van de ‘Queen-Mother’, Captain Fergus Bowes-Lyon. Allen gesneuveld in Loos in 1915. 1772 Britten en 28 Canadezen rusten hier. Van op dit kerkhof hebben we een fenomenaal zicht op het slagveld. Het lichtgolvende landschap biedt nergens dekking en het vergt dan ook niet al te veel verbeelding om de huilende doedelzakken over dit terrein te horen galmen. Het geschreeuw van de gewonden en het geratel van de Duitse mitrailleurs maakten hiervan een duivelse cocktail. Van hieruit bespeuren we ook het Canadese monument van Vimy. We staan akelig dicht bij de enorme terrils, enkel gescheiden door het geraas van het verkeer op de kaarsrechte baan.

1  Dud Corner 4  25% title



 

Nu trekken we naar het hart van het slagveld. En dit gaat niet zonder slag of stoot. Ondanks een behoorlijke voorbereiding is het niet eenvoudig om het juiste baantje te vinden. Als we dan toch juist zitten, lijkt de enige modderpoel in het zonovergoten landschap zich net voor ons te bevinden. Safety first – het nieuwe record ‘achteruitrijden op slecht terrein’ staat nu op mijn naam. Kort daarop belanden we dan toch aan het Quarry Cemetery, welk aan de Britse zijde van het slagveld ligt. De naam doet vermoeden dat dit zich in een steengroeve bevindt, doch deze bevindt zich even verderop. Een honderdtal graven worden hier verzorgd. Tijdens de oorlog werd deze plek herhaaldelijk beschoten waardoor verschillende reeds begravenen als het ware ‘verdwenen’. Vandaar de ruimte tussen de stenen. Mijn wagen had ondertussen 4x4-allures aangenomen en om hem te temperen, besloten we het stuk niemandsland naar de Hohenzollern Redoubt te voet te doen. Een maat voor niets bleek later, want van deze haast onneembare Duitse stelling rest niets meer. Geen putje, geen brok beton, niets dus. Ik moest tot mijn ontzetting vaststellen dat op dit begroeid stuk braakland naarstig op konijn gestroopt wordt. Het wemelde er van de konijnen en her en der lagen vallen. Mogelijk was dit gerechtvaardigd (?) om de gewassen te beschermen. Een korte, maar hevige wandeling bracht ons terug aan de ‘Quarry’. Laatste punt was het centraal gelegen St. Mary's ADS Cemetery, waar 1,761 Britse en 19 Canadezen rusten, waaronder Kipling Jr.1  Quarry 2   25% title1  Quarry 3   25% titleQuarry 1   25% title1  ADS St Mary's 2  25% title1  ADS St Mary's 3  25% title

Ondertussen (1730u) was de avondspits al aardig op gang gekomen en moesten we onze slaapstek voor de komende twee nachten nog opzoeken. Letterlijk dan. De keuze was gevallen op een motel, gelokaliseerd in Henin-Godault, een commerciële aanwas van Lens. Toch nog een behoorlijke onderneming alvorens deze werd bereikt. Na de incheck, een heerlijke douche en een korte horizontale rust, waren we klaar voor een stevige hap. De eerlijkheid gebied mij te vermelden dat een hele dag in een combinatie van zon, wind en een behoorlijk gevuld programma, zijn sporen nalaat, en ik was er zeker niet rouwig om, om het bed op te zoeken. Nog twee dagen te gaan!